Opkomende markten volwassener dan de VS en Frankrijk?

Door de winst van Flávio Bolsonaro in de eerste ronde van de Braziliaanse presidentsverkiezingen en de daaropvolgende rally van Braziliaanse aandelen staan opkomende markten weer op de radar van veel beleggers. Daar zijn goede redenen voor.

De term ‘emerging markets’ werd in 1981 bedacht door Antoine van Agtmael, een Nederlander die toen werkte bij de International Finance Corporation (IFC), de private-sectortak van de Wereldbank. Hij zocht een pakkend label voor een beleggingsfonds. Inmiddels zijn de landen die eronder vallen zo divers dat je het eigenlijk niet meer één thema kunt noemen.

Meerdere thema’s

In Brazilië en Colombia spelen bijvoorbeeld verkiezingen een rol. In Colombia won een rechtse kandidaat die wil dereguleren en het bedrijfsleven wil stimuleren, en in Brazilië kan dat later deze maand ook gebeuren. Taiwan, als je dat tenminste nog een opkomende markt wilt noemen, profiteert dankzij TSMC daarentegen van het AI-thema.

Een aantal opkomende markten, waaronder opnieuw Brazilië, profiteert van de toenemende vraag naar grondstoffen en de hogere prijzen daarvan. Voor andere landen, zoals grote olie-importeur India, is de hoge olieprijs juist slecht nieuws: de lokale Nifty 50-index daalde dit jaar met 13%.

Wat veel opkomende markten wel gemeen hebben, is een relatief lage waardering. De MSCI Emerging Markets-index heeft een verwachte koers-winstverhouding van 9,7, tegenover 17,9 voor de MSCI World. Daar staan wel grotere risico’s tegenover, zoals valuta- en politiek risico, maar die lijken beleggers dit jaar voor lief te nemen. De MSCI Emerging Markets-index doet het dit jaar met een rendement van 23,7% dan ook beter dan de MSCI World-index met 12,1% (in dollars, tot eind september).

Fiscaal en monetair volwassen aan het worden

Ook interessant is dat opkomende markten, inclusief de obligaties, zich ondanks de oplopende rentes redelijk goed houden, al verschilt ook dat per land. Veel opkomende markten hebben hun fiscale en monetaire zaken een stuk beter op orde dan vroeger. Op sommige vlakken misschien zelfs beter dan een aantal ontwikkelde markten, zoals Frankrijk en de VS?

Dekt het in 1981 verzonnen label “opkomende markten” de lading nog wel?

Tekenend voor deze ontwikkeling was een recente opmerking van Lesetja Kganyago, de gouverneur van de Zuid-Afrikaanse centrale bank. Nadat de bank zes maanden op rij haar inflatiedoelstelling had gemist, kon hij een kleine sneer naar de VS niet laten:
“Ik ben er niet blij mee dat we ons doel hebben gemist, maar zes maanden is een stuk beter dan 67 maanden. Zo lang zit de inflatie in de VS al boven het doel.”

De staatsschuld van Zuid-Afrika bedraagt ongeveer 80% van het bbp en die van Brazilië rond de 90%, wat hoog is. Maar wel lager dan de >110% in de VS en Frankrijk.

De rentes zijn in deze landen wel veel hoger en de VS en Frankrijk zijn uiteraard een stuk kredietwaardiger, maar het is opmerkelijk dat een aantal opkomende markten het nu beter doet op punten waarop ze vroeger ver achterliepen.

Beleggen in opkomende markten komt naar je toe

Al met al lijken opkomende markten niet meer te mogen ontbreken in een breed gespreide portefeuille. De eenvoudigste manier is een ETF op een brede index als de MSCI Emerging Markets. Voor beleggers met meer tijd kan het lonen om individuele landen grondiger te onderzoeken. In Brazilië zit er bijvoorbeeld mogelijk nog meer in het vat als Bolsonaro op 25 oktober ook de beslissende tweede ronde wint.

Je kunt ook nog even wachten als je veel Amerikaanse of Franse aandelen bezit. Als de trend doorzet, ben je over een tijdje misschien vanzelf belegd in twee opkomende markten.

Volgende
Volgende

Grote bewegingen in het cijferseizoen: waarom en wat kan je ermee?